De kluizenaar van Wellerlooi (2)

door Gerrit van der Vorst


Na het artikel in Het Volk volgt meer persaandacht voor de kluizenaar. Niet lang daarna plaatst het tijdschrift Mooi Limburg een foto van de ‘eenzame zwerver’ en in 1934 komen Mooi Limburg, de Limburger Koerier en het Algemeen Handelsblad – dat artikel wordt overgenomen door De Sumatra Post (!) – met foto’s en verhalen. Vooral de Limburger koerier zal in de komende (crisis)jaren aandacht blijven houden voor de kluizenaar van Wellerlooi.

Foto uit serie van 3 in Mooi Limburg van 13 oktober 1934. Theophil Wagner bij de ingang van zijn huisje. Rechts staat de slaapkar (archief Well).

Foto uit serie van 3 in Mooi Limburg van 13 oktober 1934. Wagner in zijn huisje (archief Well).

Foto uit serie van 3 in Mooi Limburg van 13 oktober 1934. Wagner bij de ingang van zijn ondergrondse kapelletje (archief Well).

Begin november 1934 brengt een verslaggever van het Algemeen Handelsblad een bezoek aan Theophil Wagner. Rookwolkjes uit het schoorsteenpijpje markeren in die tijd van het jaar de verblijfplaats van de kluizenaar. Wagner is daar volledig in zijn element. Hij teelt er aardappelen, groenten en fruit. Zijn fornuis stookt hij met heidestruiken en boomstronken. De zelf geslagen put levert hem drink- en waswater. Meer heeft hij niet nodig. Hij leeft van en voor de natuur en voelt zich bevoorrecht in zijn eenzaamheid. Zijn dankbaarheid voor al die ‘Goddelijke gaven’ belijdt de diepgelovige Wagner in een ondergronds, eenpersoons kapelletje. Daar staat op een oude stoel een schilderij met het beeld van de Moeder Gods, met vlak daarvoor kaarsen en bloemen uit Wagner’s tuin. De wanden zijn met mos bedekt. Hij bidt en mediteert in dat kapelletje. Dat zou hij gemaakt hebben, omdat zijn – toch beslist apostel-achtige – verschijning bij de kerkgangers in de Sint Catharinakerk van ‘De Loi’ weerstand zou hebben opgeroepen. Men zou hem daar uitgelachen hebben, onder meer om zijn lange, leren schort.

Theophil Wagner, met schort, bij zijn slaapkar (archief Well).

 

De Sint Catharinakerk van Wellerlooi, die Wagner eerst bezocht, maar waar zijn aparte verschijning minder welkom was. De kerk zal in 1944 verwoest worden door de geallieerden. (Met dank aan Jan Heyligers, archief De Loi.)

Interieur van de kerk (idem).

“De oude man met den witten baard” voor zijn ondergrondsch kapelletje (foto uit het Algemeen Handelsblad van 3 november 1934, archief Well).

De economische crisis zwelt aan. De Limburger Koerier heeft op 5 december 1931, onder de kop NOORD-LIMBURG IN DE WERELDCRISIS, ook de situatie in Wellerlooi en omstreken behandeld.

 

Tussenkop in artikel in de Limburger Koerier van 5 december 1931 (gevonden via http://www.delpher.nl).

Voor mensen met ‘fratsen’ bestaat zeker in deze tijden natuurlijk geen enkel begrip. Maar de mensen in die dunbevolkte streek hebben intussen wel gemerkt dat het geen beroerde kerel is, die zo zwoegt op de schemmele groond (magere grond) van de Looierheide. Zeker, hij blijft voor hen een zonderling, maar het is een vriendelijke, hardwerkende grijsaard die niet mensenschuw is. In de streek went men aan zijn aanwezigheid en levenswijze. Onze kluizenaar gaat op reis, zeggen ze als hij weer eens verdwijnt. En nu komen de dorpskinderen hem een handje geven als hij zich in de dorpsstraten vertoont. Zijn huis en erf zijn zelfs een bezienswaardigheid geworden. De zondagse wandeling van streekbewoners voert vaak naar zijn domein. Kennissen worden meegevoerd naar ‘hun’ kluizenaar.

Meester Vic Tmmermans, de ‘groeëte meister’ van Wellerlooi, die in 1936 met 26 jaar het jongste schoolhoofd van Nederland wordt, bezoekt Theophil Wagner met zijn schoonfamilie. Vic Timmermans zal maar liefst 38 jaar in Wellerlooi blijven en een belangrijke rol in de dorpsgemeenschap spelen. Op de foto staat hij zelf links achter Wagner. (Archief Well.)

Theophil Wagner heeft het isolement gezocht, raakt daarom bekend en ziet zijn isolement daardoor sterk aangetast. En tot veler verbazing speelt de kluizenaar in op die paradox. Hij gaat namelijk ansichtkaarten verkopen, met foto’s van zichzelf bij zijn slaapkar of bij zijn huisje. Op de achterkant van zo’n kaart staat Theophil Wagner: Internationaler Naturmensch. Er zou ook een kaart zijn met de tekst Theophil Wagner: Internationaler Aussiedler. Toch heeft hij problemen met de toeloop naar zijn domein. Die toeloop wordt zo groot dat hij op een dag een bordje ophangt, met het opschrift GEEN TOEGANG, EENZAME MENSCH.

Ansichtkaart van Theophil Wagner bij zijn huisje (met dank aan Peter Janssen).

Wagner met zijn slaapkar (met dank aan Jan Heyligers).

Helpen doet die mededeling niet echt. Ook al niet omdat Theophil Wagner ongevraagd bezoek immer vriendelijk tegemoet treedt. Hij schudt bezoekers de hand en gaat ze voor in een bezichtiging van zijn merkwaardige kampement. Ze mogen zijn woonvertrekje zien, waar appelschijfjes aan touwtjes boven het fornuis te drogen hangen en waar naast een petroleumlamp een rekje met kerkboeken staat. Bezoekers mogen hun handtekening op een van de houten wanden zetten. Zijn slaapkar blijft ook een bezienswaardigheid. Bij redelijke temperaturen slaapt hij buiten in zijn kar, maar als het kouder wordt, trekt hij de kar in zijn woonvertrek (dat dan meteen vol staat). Dat wil hij ook wel eens demonstreren. En dan zijn kapelletje natuurlijk. Achter zijwanden van gordijnstof houdt hij daar trouwens voorraden aardappelen, knollen, wortelen, andere groenten en zelf gezochte theekruiden. Bezoekers verbazen zich steevast over de orde en netheid van de oude man en zijn domein.

Wordt vervolgd.

Reageren? Stuur een e-mail naar Gerrit van der Vorst: gp.vandervorst@xs4al.nl.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s